In het hart van Rotterdam-Alexander, in de wijk Het Lage Land, bevindt zich een plek waar bewoners terecht kunnen met kleine én grote zorgen. Stichting Open Arms is in vijftien jaar tijd uitgegroeid van het uitdelen van een paar voedselpakketten tot een laagdrempelig centrum voor ontmoeting, ondersteuning en perspectief. “Wij willen goed nieuws zijn voor de wijk, vooral door er gewoon te zijn,” zegt opbouwwerker Petra Jongekrijg. Die eenvoud is tegelijk de kracht: mensen vinden er niet alleen hulp, maar ook menselijkheid en vertrouwen.
Groeien op de vraag van de wijk
Wat begon met vier kratten voedsel, groeide stap voor stap uit tot een uitgebreid netwerk van activiteiten en voorzieningen. “Mensen kwamen voor de voedselbank, maar bleven omdat ze andere hulp nodig hadden,” vertelt Jongekrijg. “Ze vroegen of we ook konden helpen met brieven, of met het leren van de taal. En zo is het gegroeid, op basis van wat mensen zélf aangaven nodig te hebben.”
De stichting biedt inmiddels een breed programma, van taallessen en creatieve workshops tot sociale cafés, een kringloopwinkel en een pop-up winkel van de voedselbank . Alles draait in en om wijkcentrum Het Palet aan de Duikerstraat. Hier werken bijna honderd vrijwilligers, ondersteund door twee betaalde krachten – Petra Jongekrijg en haar collega – en binnenkort ook een jeugdwerker. “Kinderen en jongeren zijn nu nog ondervertegenwoordigd. Daar willen we verandering in brengen,” aldus Jongekrijg.
Hulp waar het écht om draait
Een belangrijk deel van het werk bestaat uit maatschappelijke ondersteuning. Mensen met schulden, administratieve zorgen of een wirwar aan papieren kunnen aankloppen voor hulp. Maar Open Arms wil meer doen dan alleen praktische problemen oplossen. “Het gaat niet om het overnemen van taken, maar om mensen zelf iets te laten leren,” zegt Jongekrijg. “Alleen dan verandert er iets voor de langere termijn. Maar dat kost tijd, en die nemen we.”
Die benadering vraagt om vertrouwen. “Mensen komen hier niet binnen om direct hun diepste zorgen delen. Ze komen bijvoorbeeld voor een boodschapje in de kringloopwinkel of voor koffie in het InloopCafé. Maar dan ontstaat er contact, een gesprek. En soms komt er dan iets naar boven wat echt speelt.” Ze noemt een voorbeeld van een mevrouw die al jaren worstelt met overvolle administratie, zich schaamt en niemand meer in huis durft toe te laten. “Ik heb met haar gepraat, anderhalf uur geluisterd en meegedacht. Uiteindelijk durfde ze toe te zeggen dat een vrijwilliger bij haar thuis mocht komen helpen. Dat is winst.”
Het verschil met het loket
Wat Open Arms onderscheidt van veel andere hulporganisaties, is de tijd en ruimte die er is voor echte aandacht. “Bij het reguliere loket heb je twintig minuten, en dan moet het klaar zijn,” zegt Jongekrijg. “Maar bij ons mag het langer duren. Ik wil uitstralen dat ik alle tijd heb, ook al heb ik die eigenlijk niet. Dat helpt mensen om open te zijn.”
Die benadering vraagt ook om samenwerking met andere partijen in de stad. “Ik zou graag meer bruggen slaan naar formele hulporganisaties, naar de plekken waar professionele expertise zit. Maar dan moet er wel een warme overdracht zijn. Ik wil het contact niet verliezen met iemand waarmee ik een tijdje oploop, als ik doorverwijs.”
De samenwerking met de gemeente is er en blijft in ontwikkeling . “Er is het armoedeplatform, daar gaan we naartoe. En er is een wijkregisseur die probeert informele hulp in kaart te brengen. Maar er is nog veel te winnen. Die verbinding tussen formele en informele zorg moet sterker. Niet door strenge regie, maar door structureel samen te werken.”
Vrijwillige kracht
Wat Open Arms mogelijk maakt, is de enorme inzet van vrijwilligers. Ze komen uit de wijk, uit andere delen van de stad en soms zelfs van verder. Sommigen zijn zelf geholpen, en zetten zich nu in voor anderen. “Die betrokkenheid is bijzonder,” zegt Jongekrijg. “Het laat zien dat mensen niet alleen hulp nodig hebben, maar ook iets willen betekenen.”
Voor de toekomst ziet zij een dubbele beweging. Enerzijds moet het werk verdiept worden, met meer aandacht voor duurzame hulp en persoonlijke ontwikkeling. Anderzijds wil de stichting blijven groeien in de breedte, met nieuwe activiteiten en doelgroepen, zoals jongeren. “We willen relevant blijven voor de wijk, en daarvoor moet je meebewegen.”
Een veilige plek
De kern blijft echter: een plek zijn waar mensen zich welkom voelen. Waar schaamte langzaam plaatsmaakt voor vertrouwen, en waar kleine stappen grote betekenis hebben. “Mensen komen niet alleen voor hulp,” besluit Jongekrijg. “Ze komen omdat ze weten dat we luisteren, dat we meedenken en dat ze hier niet alleen zijn.”
In een tijd waarin veel wijkvoorzieningen onder druk staan en formele instanties het steeds drukker krijgen, laat Stichting Open Arms zien wat er mogelijk is als je inzet op nabijheid en aandacht. Niet groots en meeslepend, maar eenvoudig en menselijk. Precies zoals de wijk het nodig heeft.
(Interesse? Je bent altijd welkom voor een gesprek waarin we kunnen zien wat wij voor elkaar kunnen betekenen.)